Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiser] , eiser V-nummer: [V-nummer]
Inleiding
Overwegingen
De gronden van de maatregel van bewaring
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
Eiser werd op 8 december 2023 in vreemdelingenbewaring gesteld op grond van artikel 59a, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000. Eiser betwistte de rechtmatigheid van de bewaring en stelde dat de overbrenging naar het Detentiecentrum Rotterdam te lang had geduurd, waardoor de bewaring onrechtmatig zou zijn.
De rechtbank overwoog dat een korte plaatsing in een politiecel is toegestaan om vervoer naar een gespecialiseerde inrichting te regelen, mits dit niet langer dan 24 uur duurt. Uit het dossier bleek dat eiser op 8 december 2023 om 18:30 uur in bewaring werd gesteld en op 9 december 2023 om 00:09 uur in het detentiecentrum werd ingecheckt, waardoor de termijn van 24 uur niet werd overschreden.
Verder waren de gronden voor de bewaring, waaronder het risico op ontduiking van toezicht en een mogelijke overdracht aan Duitsland op grond van de Dublinverordening, voldoende gemotiveerd en niet door eiser betwist. De rechtbank concludeerde dat de bewaring te allen tijde rechtmatig was en wees het beroep en het verzoek om schadevergoeding af.
Uitkomst: Het beroep tegen de vreemdelingenbewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.