ECLI:NL:RBDHA:2024:21061
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen vrijheidsontnemende maatregel in asielprocedure afgewezen
De zaak betreft een beroep van eiser tegen een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd op grond van artikel 6, derde lid, van de Vreemdelingenwet 2000. De maatregel werd opgelegd in het kader van het grensbewakingsbelang en betreft een verblijf in een luchthavenlounge.
Eiser stelde dat het dossier geen aanwijzing bevatte voor de toepassing van de maatregel en dat het verblijf in de lounge langer dan 24 uur onrechtmatig zou zijn. De rechtbank stelde vast dat de aanwijzing wel in het dossier aanwezig was en dat het verblijf binnen de toegestane termijn viel. De rechtbank oordeelde dat de maatregel niet onrechtmatig was opgelegd.
Daarom verklaarde de rechtbank het beroep ongegrond en wees het verzoek om schadevergoeding af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen de vrijheidsontnemende maatregel wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.