ECLI:NL:RBDHA:2024:2179
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- B.F.Th. de Roos
- Rechtspraak.nl
De rechtbank vernietigt het inreisverbod wegens schending gezinsleven artikel 8 EVRM
Eiseres, een Nigeriaanse vrouw, diende op 26 augustus 2022 een asielaanvraag in Nederland in. De staatssecretaris stelde deze aanvraag buiten behandeling op grond van het vertrek van eiseres naar Duitsland zonder zich binnen de gestelde termijn te melden. Tevens werd een inreisverbod van twee jaar opgelegd.
De rechtbank oordeelt dat de buitenbehandelingstelling terecht is omdat eiseres niet binnen de termijn contact heeft opgenomen met Nederlandse autoriteiten, ondanks dat zij contact hield met haar gemachtigde. De complicaties bij de bevalling in Duitsland werden onvoldoende onderbouwd om het vertrek te rechtvaardigen.
Ten aanzien van het inreisverbod concludeert de rechtbank dat dit in strijd is met artikel 8 EVRM Pro, omdat het een onrechtmatige inmenging vormt in het gezinsleven van eiseres en haar minderjarige kinderen met hun in Nederland verblijvende echtgenoot. De staatssecretaris heeft onvoldoende gemotiveerd waarom het inreisverbod gerechtvaardigd zou zijn en heeft geen toepassing gegeven aan de humanitaire uitzondering in de Vreemdelingenwet.
Daarom vernietigt de rechtbank het inreisverbod en veroordeelt de staatssecretaris tot betaling van proceskosten aan eiseres. Het beroep is dus deels gegrond.
Uitkomst: Het beroep tegen de buitenbehandelingstelling wordt ongegrond verklaard, het inreisverbod wordt vernietigd wegens schending van artikel 8 EVRM.