ECLI:NL:RBDHA:2024:21955
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens Dublin-verantwoordelijkheid
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de Minister van Asiel en Migratie om zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel niet in behandeling te nemen, omdat Roemenië volgens het Dublin-verdrag verantwoordelijk is voor zijn asielprocedure.
De rechtbank heeft partijen niet uitgenodigd voor een zitting, omdat dit niet noodzakelijk werd geacht. Tijdens de procedure heeft de rechtbank vernomen dat eiser met onbekende bestemming is vertrokken. De gemachtigde van eiser is tweemaal verzocht hierop te reageren, maar heeft niet gereageerd.
Op grond van vaste rechtspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State wordt aangenomen dat een vreemdeling die met onbekende bestemming is vertrokken geen belang meer heeft bij de beoordeling van zijn beroep, tenzij hij nog contact onderhoudt met zijn gemachtigde. Omdat geen reactie is ontvangen, concludeert de rechtbank dat eiser geen prijs meer stelt op de bescherming in Nederland.
Daarom verklaart de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk en wijst zij het verzoek om vergoeding van proceskosten af. Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken een verzetschrift worden ingediend.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat eiser met onbekende bestemming is vertrokken en geen procesbelang meer heeft.