ECLI:NL:RBDHA:2024:2201

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
9 februari 2024
Publicatiedatum
22 februari 2024
Zaaknummer
NL24.1966
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Voorlopige voorziening
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verzoek voorlopige voorziening afgewezen wegens ontbreken procesbelang in asielzaak Dublinprocedure

Verzoeker heeft beroep ingesteld tegen het besluit van 17 januari 2024 waarbij zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling is genomen, omdat Zwitserland verantwoordelijk is voor de behandeling van zijn asielaanvraag volgens de Dublinverordening.

De voorzieningenrechter behandelde het verzoek om een voorlopige voorziening op 6 februari 2024, samen met een gerelateerde zaak (NL24.1965). Tijdens de zitting werden beide partijen vertegenwoordigd door hun gemachtigden.

Na de behandeling heeft de voorzieningenrechter het verzoek om voorlopige voorziening niet-ontvankelijk verklaard, omdat in de hoofdzaak was vastgesteld dat verzoeker geen procesbelang meer heeft. Hierdoor ontbreekt ook het procesbelang voor de voorlopige voorziening.

Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is openbaar gedaan op 6 februari 2024 door voorzieningenrechter P.J.M. Mol in aanwezigheid van griffier S.J. Valk. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.

Uitkomst: Verzoek om voorlopige voorziening is niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van procesbelang.

Uitspraak

proces-verbaal uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Utrecht Bestuursrecht zaaknummer: NL24.1966
proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen

[verzoeker] , verzoeker V-nummer: [V-nummer]

(gemachtigde: mr. M.R. van der Pol), en
de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder (gemachtigde: mr. M.F. van der Lubbe).

Procesverloop

Bij besluit van 17 januari 2024 (het bestreden besluit) heeft verweerder de aanvraag van verzoeker tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen op de grond dat Zwitserland verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan.
Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Hij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek, samen met de zaak NL24.1965, op 6 februari 2024 op zitting behandeld. Verzoeker heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.
Na afloop van de behandeling van de zaak ter zitting heeft de voorzieningenrechter onmiddellijk ter zitting uitspraak gedaan.

Beslissing

De voorzieningenrechter verklaart het verzoek om voorlopige voorziening niet-ontvankelijk.

Overwegingen

De rechtbank geeft hiervoor de volgende motivering.
In de beroepszaak, zaaknummer NL24.1965, heeft de rechtbank vastgesteld dat eiser geen procesbelang meer heeft. Dit geldt ook voor het verzoek om een voorlopige voorziening. De voorzieningenrechter verklaart het verzoek om die reden niet-ontvankelijk.
zaaknummer: NL24.1966
2
Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Deze uitspraak is uitgesproken in het openbaar op 6 februari 2024 door mr. P.J.M. Mol, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. S.J. Valk, griffier.
zaaknummer: NL24.1966
3
Dit proces-verbaal is bekendgemaakt op:
09 februari 2024

Documentcode: [documentcode]

Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.