De rechtbank Den Haag heeft het beroep van eiser tegen het besluit van de minister om zijn asielaanvraag niet in behandeling te nemen gegrond verklaard. De minister had de aanvraag afgewezen omdat Kroatië verantwoordelijk zou zijn voor de behandeling volgens de Dublinverordening. Eiser stelde dat zijn PTSS en suïciderisico door overdracht aan Kroatië zouden verergeren en dat de minister het Bureau Medisch Advisering (BMA) had moeten raadplegen.
De rechtbank oordeelde dat de medische informatie onvoldoende onderbouwde dat overdracht aan Kroatië een reëel en bewezen risico op aanzienlijke en onomkeerbare gezondheidsachteruitgang oplevert. Wel was er twijfel over het risico gezien de wisselende suïcideverklaringen en traumatische ervaringen van eiser. Daarom had de minister het BMA moeten inschakelen om het risico te beoordelen.
Omdat de minister dit naliet, was het besluit onzorgvuldig voorbereid en vernietigde de rechtbank het besluit. De minister moet het BMA om advies vragen en een nieuw besluit nemen. Tevens werd eiser een proceskostenvergoeding van €1.750 toegekend.