ECLI:NL:RBDHA:2024:22322
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens onvoldoende aannemelijkheid en juiste toepassing MediFirst-onderzoek bij vermoedelijke LVB
Eiser, van Iraakse nationaliteit en behorend tot de Koerdische bevolkingsgroep, diende op 11 september 2024 een asielaanvraag in Nederland in. Hij stelde dat hij vanwege een relatie met een meisje en dreiging van eerwraak uit Irak was gevlucht. Verweerder wees de aanvraag af als kennelijk ongegrond wegens onvoldoende aannemelijkheid van de bedreigingen en tegenstrijdigheden in het relaas.
Eiser voerde aan dat er sprake was van een vermoedelijke licht verstandelijke beperking (LVB) en dat het onderzoek door MediFirst onvoldoende was, omdat het eerste onderzoek door een verpleegkundige en het tweede door een algemeen arts waren uitgevoerd, en dat een psycholoog of gedragswetenschapper noodzakelijk was. De rechtbank oordeelde dat MediFirst een belangrijke rol speelt bij vermoedelijke LVB en dat het onderzoek adequaat was uitgevoerd door zowel verpleegkundige als arts.
De rechtbank stelde vast dat verweerder aan zijn onderzoeksplicht had voldaan en dat eiser geen concrete aanwijzingen had geleverd waaruit bleek dat het onderzoek onzorgvuldig was of dat een nader onderzoek nodig was. Ook was voldoende rekening gehouden met de beperkingen van eiser tijdens het horen, zoals blijkt uit het nader gehoor.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees het verzoek om voorlopige voorziening af. Eiser kreeg geen proceskostenvergoeding. De uitspraak werd gedaan door mr. E.I. Terborg-Wijnaldum, voorzieningenrechter.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.