De kinderrechter van de Rechtbank Den Haag heeft op 17 december 2024 besloten tot verlenging van de ondertoezichtstelling en machtiging tot uithuisplaatsing van een minderjarige geboren in 2008. De Raad voor de Kinderbescherming had verzocht om verlenging vanwege aanhoudende problemen zoals weglopen, seksueel overschrijdend gedrag en roken, die het verblijf op een open groep bemoeilijken.
De moeder van de minderjarige stemde in met de verzoeken, benadrukkend dat snel duidelijkheid over een passende vervolgplek noodzakelijk is. Zij gaf aan dat de huidige vrijheidsbeperkingen en groepssamenstelling averechts werken op de ontwikkeling van haar kind. De gecertificeerde instelling werd opgeroepen om prioriteit te geven aan het vinden van een geschikte plek, bij voorkeur bij Cardea in de woonplaats van de moeder.
De kinderrechter overwoog dat de wettelijke criteria voor verlenging van ondertoezichtstelling en machtiging tot uithuisplaatsing zijn vervuld. De minderjarige heeft moeite met emotie-regulatie, vertoont een patroon van weglopen en heeft een grote behoefte aan structuur en ondersteuning. De moeder is onvoldoende in staat de complexe zorgvraag zelfstandig op te lossen. Diagnostiek en intensieve begeleiding zijn noodzakelijk. De beslissing is uitvoerbaar bij voorraad verklaard en kan binnen drie maanden in hoger beroep worden aangevochten.