ECLI:NL:RBDHA:2024:22665
Rechtbank Den Haag
- Raadkamer
- Rechtspraak.nl
Ongegrond verklaring van beklag tegen beslaglegging op grond van Europees Onderzoeksbevel
Naar aanleiding van een Europees Onderzoeksbevel (EOB) van de Poolse autoriteiten is op 28 februari 2024 beslag gelegd op diverse goederen en een geldbedrag van 22.950 ponden. De klager heeft op 12 maart 2024 een beklag ingediend bij de rechtbank Den Haag tot teruggave van deze goederen en het geldbedrag.
De rechtbank heeft het beklag op 18 april 2024 behandeld in raadkamer. De Poolse autoriteiten hebben geheimhouding van het onderliggende onderzoek verzocht, waardoor het EOB niet aan de klager is verstrekt. De rechtbank oordeelt dat zij bevoegd is het beklag te behandelen en dat het beklag ontvankelijk is ingediend binnen de wettelijke termijn.
De rechtbank toetst bij een EOB slechts de formaliteiten en weigeringsgronden zoals opgenomen in Richtlijn 2014/41/EU en ziet af van inhoudelijk onderzoek naar de materiële gronden voor het EOB. Er zijn geen weigeringsgronden aanwezig en de beslaglegging is rechtmatig uitgevoerd. Het beklag wordt daarom ongegrond verklaard. De overschrijding van de wettelijke termijn voor beslissing heeft geen gevolgen voor de beoordeling.
Uitkomst: Het beklag tegen de beslaglegging op grond van het Europees Onderzoeksbevel wordt ongegrond verklaard.