ECLI:NL:RBDHA:2024:2293
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Herziening kinderopvangtoeslag wegens niet volgen inburgeringscursus
Eiseres maakte bezwaar tegen de herziening van haar kinderopvangtoeslag over 2022, waarbij het voorschot op nul werd gesteld omdat haar toeslagpartner niet voldeed aan de voorwaarden van artikel 1.6, derde lid, van de Wet kinderopvang (Wko). De toeslagpartner stond wel ingeschreven voor een inburgeringscursus maar was nog niet begonnen met de cursus.
De rechtbank oordeelt dat alleen het daadwerkelijk volgen van een opleiding of cursus recht geeft op kinderopvangtoeslag. Een inschrijving op een wachtlijst is onvoldoende. De dwingendrechtelijke bepaling in artikel 1.6 Wko laat geen ruimte voor afwijking, ook niet vanwege sociaal-medische omstandigheden van de toeslagpartner. Er zijn andere voorzieningen voor dergelijke situaties.
Verder heeft verweerder voldoende inspanningen verricht om bewijsstukken op te vragen en de toeslag tijdig te herzien. Eiseres kan een betalingsregeling aanvragen bij het Landelijk Incasso Centrum. Het beroep wordt ongegrond verklaard, het griffierecht wordt niet teruggegeven en proceskosten worden niet vergoed.
Uitkomst: Het beroep tegen de herziening van de kinderopvangtoeslag wordt ongegrond verklaard en de toeslag blijft op nihil gesteld.