Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser] , V-nummer: [nummer] , eiser
de Minister van Asiel en Migratie,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
mr.drs. B.E.C. Bertens, griffier.
Rechtbank Den Haag
Eiser werd aanvankelijk strafrechtelijk aangehouden voor fietsen zonder verlichting en een overtreding van artikel 447e Sr. Na afronding van het strafrechtelijk traject werd eiser opgehouden voor nader onderzoek, waarbij de rechtbank oordeelt dat dit een verkapt vreemdelingrechtelijk toezicht betrof. De ophouding overschreed de wettelijke termijn van zes uur, waardoor de bewaring onrechtmatig werd.
De rechtbank stelt vast dat de strafrechtelijke verdenkingen waren afgedaan voordat de ophouding plaatsvond en dat de maatregel van bewaring daarom niet gerechtvaardigd was. De belangenafweging leidt tot de conclusie dat de belangen van eiser zwaarder wegen dan de belangen die de minister aanvoert, mede omdat de minister enkele gronden heeft ingetrokken en eiser zich recentelijk aan vreemdelingentoezicht had onderworpen.
De rechtbank beveelt de onmiddellijke opheffing van de bewaring en in vrijheidstelling van eiser. Tevens wordt een schadevergoeding van €1.100 toegekend voor de onrechtmatige vrijheidsbeneming en worden proceskosten van €1.750 aan eiser toegekend.
Uitkomst: De bewaring is onrechtmatig verklaard, onmiddellijke opheffing en in vrijheidstelling bevolen met toekenning van schadevergoeding en proceskosten.