ECLI:NL:RBDHA:2024:23307
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Asielaanvraag buiten behandeling gesteld wegens Dublinverordening en visum Spanje
Eiseres, van Zimbabwaanse nationaliteit, diende op 24 maart 2024 een asielaanvraag in Nederland in. De minister stelde deze aanvraag buiten behandeling omdat Spanje verantwoordelijk is op grond van de Dublinverordening, aangezien eiseres een geldig multiple-entry visum voor Spanje had. De rechtbank behandelde het beroep op 3 oktober 2024 en stelde vast dat het bestreden besluit onvoldoende inging op de verklaringen van eiseres en de reisstempels in haar paspoort, waardoor sprake was van een motiveringsgebrek.
De rechtbank oordeelde echter dat artikel 19 van Pro de Dublinverordening, dat de verantwoordelijkheid van een lidstaat kan laten vervallen indien de betrokkene het grondgebied ten minste drie maanden heeft verlaten, niet van toepassing is omdat er geen eerdere verantwoordelijkheid van Spanje was vastgesteld. Spanje is verantwoordelijk op grond van artikel 12 vanwege Pro het afgegeven visum. Hierdoor zijn de rechtsgevolgen van het besluit in stand gebleven ondanks de gegrondverklaring van het beroep.
De rechtbank vernietigde het besluit van 4 augustus 2024, maar handhaafde de rechtsgevolgen en veroordeelde de minister tot betaling van €1.750,- aan proceskosten aan eiseres. De uitspraak werd gedaan door rechter M. Smayel en griffier K.C. van der Vegt op 8 november 2024.
Uitkomst: Het beroep is gegrond wegens motiveringsgebrek, maar de rechtsgevolgen van het besluit blijven in stand; minister betaalt proceskosten.