ECLI:NL:RBDHA:2024:23308
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Afkondiging afkoelingsperiode en aanstelling observator in WHOA-procedure voor vastgoedgroep
Drie besloten vennootschappen binnen een vastgoedgroep hebben bij de rechtbank Den Haag een verzoek ingediend tot afkondiging van een afkoelingsperiode van drie maanden onder de WHOA, met uitzondering van ING als schuldeiser. De groep verkeert in financiële moeilijkheden door een misgelopen herontwikkelingsplan en een geschil met een aannemer, waardoor de verkoop van onroerend goed noodzakelijk is om schuldeisers te voldoen.
De rechtbank heeft het verzoek behandeld en overwogen dat de afkoelingsperiode noodzakelijk is om de onderneming voort te zetten en de belangen van de gezamenlijke schuldeisers te dienen. ING is buiten de afkoelingsperiode gehouden vanwege haar rol in de financiering en samenwerking. Daarnaast hebben twee schuldeisers verzocht om aanstelling van een observator vanwege zorgen over informatievoorziening en gelijke behandeling.
De rechtbank wijst het verzoek tot afkondiging van een afkoelingsperiode toe, maar beperkt deze tot twee maanden, passend bij de looptijd van het financieringsvoorbehoud. Tevens wijst de rechtbank het verzoek tot aanstelling van een observator toe om toezicht te houden op het akkoordproces en de belangen van schuldeisers te waarborgen. De kosten van de observator komen voor rekening van de verzoeksters.
Uitkomst: De rechtbank kondigt een afkoelingsperiode van twee maanden af en wijst een observator aan.