Uitspraak
[verzoeker] , V-nummers: [v-nummer 1] , eiser/verzoeker
hierna tezamen: eisers
Rechtbank Den Haag
Eisers, allen met de Indiase nationaliteit, hebben beroep ingesteld tegen terugkeerbesluiten en inreisverboden die op 20 december 2023 door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid zijn opgelegd. Deze besluiten volgden op de afwijzing van hun asielaanvragen en het niet naleven van de vertrekplicht na het verlenen van uitstel tot zes weken na de bevalling van eiseres 1.
De rechtbank stelt vast dat de afwijzing van de asielaanvragen rechtens vaststaat en dat het uitstel van vertrek is verstreken. Verweerder heeft terecht geen vertrektermijn gegund bij het opleggen van het terugkeerbesluit, mede omdat eisers niet aan hun vertrekplicht hebben voldaan. Ook is geen motiveringsplicht voor de wachttijd voorafgaand aan het terugkeerbesluit vereist.
Eisers voerden aan dat zij een opvolgende asielaanvraag wilden indienen en dat het terugkeerbesluit en inreisverbod onterecht zijn, maar de rechtbank oordeelt dat dit geen grond is om de besluiten te vernietigen. De verzoeken om voorlopige voorziening worden niet-ontvankelijk verklaard omdat de beroepen zijn beslist en geen connexiteit meer bestaat.
De rechtbank wijst de beroepen af en laat de bestreden besluiten in stand. Eisers krijgen geen proceskostenvergoeding. De uitspraak is gedaan door de enkelvoudige kamer en de voorzieningenrechter van de rechtbank Den Haag.
Uitkomst: De beroepen tegen het terugkeerbesluit en inreisverbod worden ongegrond verklaard en de verzoeken om voorlopige voorziening niet-ontvankelijk.