ECLI:NL:RBDHA:2024:2698

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
26 februari 2024
Publicatiedatum
4 maart 2024
Zaaknummer
NL24.2569
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:83 Awb
Verwijzingen
2 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing voorlopige voorziening tegen niet-ontvankelijkheid asielaanvraag wegens Dublinverantwoordelijkheid

Verzoekster heeft beroep ingesteld tegen het besluit van 23 januari 2024 waarbij de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de asielaanvraag niet in behandeling heeft genomen op grond van de Dublinverordening, omdat Denemarken verantwoordelijk is voor de behandeling van haar aanvraag.

De voorzieningenrechter heeft het verzoek om een voorlopige voorziening beoordeeld zonder zitting en verwijst naar een gelijktijdige uitspraak (zaaknummer NL24.2568) waarin het beroep ongegrond is verklaard. Op basis daarvan wordt het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen.

Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is definitief en er staat geen hoger beroep of verzet open.

Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen het besluit om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen wordt afgewezen.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Middelburg
Bestuursrecht
zaaknummer: NL24.2569

uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen

[nam verzoekster] , verzoekster

V-nummer: [V-nr.]
(gemachtigde: mr. E.W.B. van Twist),
en

de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder

Procesverloop

Bij besluit van 23 januari 2024 (het bestreden besluit) heeft verweerder de asielaanvraag van niet in behandeling genomen op de grond dat Denemarken verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan.
Verzoekster heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Zij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
De voorzieningenrechter doet op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) uitspraak zonder zitting.

Overwegingen

1. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL24.2568, heeft de rechtbank het beroep waarop dit verzoek om een voorlopige voorziening betrekking heeft ongegrond verklaard. Om die reden zal het verzoek als ongegrond worden afgewezen.
2. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. K.M. de Jager, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. S.D.C.J. Verheezen, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op
www.rechtspraak.nl
De uitspraak is bekendgemaakt op:
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.