De kinderrechter heeft op 6 februari 2024 de machtiging tot uithuisplaatsing van de minderjarige verlengd tot 30 maart 2024. Deze beslissing volgt op een eerdere beschikking van 22 augustus 2023, waarin de uithuisplaatsing was verlengd tot 26 februari 2024. De gecertificeerde instelling verzocht om verdere verlenging vanwege de noodzaak van voortzetting van de pleegzorg en de nog niet volledig gerealiseerde draagkracht van de moeder.
In de procedure werd duidelijk dat de moeder en de minderjarige grote stappen hebben gezet in hun ontwikkeling en samenwerking met de hulpverlening. De moeder volgt een intensief EMDR-traject en er is een persoonlijkheidsonderzoek bij de minderjarige afgenomen. Er is een goede samenwerking tussen partijen, hoewel er een meningsverschil bestaat over het inzetten van een tweede coach voor de moeder.
De kinderrechter acht het belang van de minderjarige en diens positieve ontwikkeling leidend en complimenteert de moeder met haar inzet. De terugplaatsing wordt voorzien op 30 maart 2024, mits de thuisplaatsing veilig en zorgvuldig kan worden vormgegeven. De pleegouders spelen een belangrijke rol in de positieve ontwikkeling van de minderjarige en blijven een steunpunt. De beschikking wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard en het overige verzoek wordt afgewezen.