ECLI:NL:RBDHA:2024:2915
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielverzoek Pakistaanse sympathisant PTI wegens ongeloofwaardig asielrelaas
Eiser, een Pakistaanse man geboren in 1982 en sympathisant van de politieke partij PTI, diende op 31 december 2023 een asielaanvraag in. Hij stelde te vrezen voor zijn leven vanwege politieke conflicten en bedreigingen door een oppositieleider, mede na de moord op een vriend die lid was van dezelfde partij.
De staatssecretaris wees de aanvraag op 23 januari 2024 af als kennelijk ongegrond, legde een terugkeerbesluit en een inreisverbod van twee jaar op. De rechtbank behandelde het beroep op 20 februari 2024 en oordeelde dat het asielrelaas onvoldoende geloofwaardig was. Eiser gaf summiere en tegenstrijdige verklaringen over het incident en zijn politieke activiteiten.
De rechtbank volgde de staatssecretaris in het oordeel dat eiser niet behoort tot de risicogroep van mensenrechtenverdedigers die significante kritiek uiten. Het causale verband tussen de moord op de vriend en het gevaar voor eiser werd niet aannemelijk gemaakt. Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen.
Er is geen aanleiding voor proceskostenvergoeding. De uitspraak is openbaar gedaan op 5 maart 2024 door voorzieningenrechter C.W. Griffioen. Eiser kan binnen een week hoger beroep instellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen.