Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer en voorzieningenrechter in de zaken tussen
[eiser 2] , [eiser 3] , [eiser 4] en [eiser 5] ,gezamenlijk te noemen: eisers,
Rechtbank Den Haag
Eisers hebben voor de derde keer asiel aangevraagd met als grond dat eiser niet langer in de islam gelooft en daardoor problemen heeft met zijn schoonfamilie. De staatssecretaris heeft deze aanvragen afgewezen als kennelijk ongegrond omdat de problemen met de schoonfamilie niet geloofwaardig worden geacht.
De rechtbank overweegt dat eisers deze problemen niet eerder hebben aangevoerd in eerdere procedures, wat afdoet aan hun geloofwaardigheid. Het schrijven van de Hoogste Sjiitisch Islamitische Raad dat door eisers is overgelegd, wordt onvoldoende onderbouwd om een rol van betekenis te spelen voor de rechtspraak of het gevaar voor eisers aan te tonen.
De rechtbank concludeert dat de staatssecretaris voldoende heeft gemotiveerd waarom de vrees voor problemen met de schoonfamilie ongeloofwaardig is en verklaart de beroepen ongegrond. Verzoeken om voorlopige voorzieningen worden afgewezen en er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De beroepen tegen de afwijzing van de asielaanvragen worden ongegrond verklaard en de verzoeken om voorlopige voorzieningen worden afgewezen.