ECLI:NL:RBDHA:2024:2933
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek proceskostenveroordeling na intrekking beroep asielaanvraag
Verzoeker diende op 7 juli 2022 een asielaanvraag in. Verweerder vroeg op 24 augustus 2022 Bulgarije om verzoeker terug te nemen op grond van de Dublinverordening, maar dit verzoek werd geweigerd. Vanaf 8 september 2022 werd de aanvraag in de nationale procedure behandeld.
De beslistermijn was in eerste instantie uiterlijk 8 maart 2023, maar werd verlengd met negen maanden door het besluit WBV 2022/22, waardoor verweerder uiterlijk op 6 december 2023 moest beslissen. Een ingebrekestelling van verzoeker op 25 oktober 2023 was daarom prematuur en het beroep niet ontvankelijk.
Op 6 februari 2024 nam verweerder alsnog een inwilligend besluit. Verzoeker trok daarop het beroep in en verzocht om proceskostenvergoeding. De rechtbank oordeelt dat er geen sprake is van een ontvankelijk beroep en geen tegemoetkoming in het beroep in de zin van artikel 8:75a Awb, waardoor het verzoek tot proceskostenveroordeling wordt afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek tot proceskostenveroordeling wordt afgewezen omdat het beroep niet ontvankelijk was.