ECLI:NL:RBDHA:2024:3031
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling staatssecretaris in proceskosten wegens niet-tijdig beslissen asielaanvraag
Verzoeker diende op 6 december 2023 beroep in tegen het niet-tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van 25 juli 2022. Op 18 januari 2024 werd de asielaanvraag alsnog ingewilligd door de staatssecretaris. Hierop trok verzoeker het beroep in en verzocht om vergoeding van de proceskosten.
De rechtbank overweegt dat op grond van artikel 8:75a Awb bij intrekking van het beroep wegens tegemoetkoming door het bestuursorgaan, proceskosten kunnen worden toegewezen. Nu de staatssecretaris niet binnen de gestelde termijn had beslist en het beroep geheel tegemoet is gekomen, is het verzoek tot proceskostenvergoeding gegrond.
De proceskosten worden vastgesteld op €437,50, gebaseerd op het Besluit proceskosten bestuursrecht 2024, met een wegingsfactor 'licht' vanwege het beperkte onderwerp van het beroep. De rechtbank veroordeelt de staatssecretaris tot betaling van dit bedrag.
Uitkomst: De staatssecretaris wordt veroordeeld tot betaling van €437,50 aan proceskosten wegens niet tijdig beslissen op de asielaanvraag.