Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser], eiser
de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder,
Procesverloop
6. (…) Verweerder heeft voorts op vragen van de rechtbank het T&O-traject in deze procedure nader toegelicht. De rechtbank heeft hierbij uitgesproken dat verweerder voortvarend handelt, maar dat er wel de nodige voortgang moet gaan volgen omdat het een EU-verwijdering betreft. Thans is het tijdsverloop sinds het T&O-verzoek dat op 7 februari 2024 is ingediend bij de Roemeense autoriteiten nog niet zodanig dat tot opheffing wordt overgaan. De rechtbank gaat er evenwel van uit dat verweerder spoedig nogmaals zal rappelleren.
Door betrokkene zijn in het gesprek geen omstandigheden aangevoerd naar aanleiding waarvan de bewaringsmaatregel niet langer zou kunnen voortduren.”. Eiser heeft in de vertrekgesprekken en in beroep geen omstandigheden naar voren gebracht die op dit punt een nadere motivering door verweerder vereisen. De rechtbank stelt vast dat verweerder in de te toetsen periode niet heeft hoeven te volstaan met de oplegging van een lichter middel.