ECLI:NL:RBDHA:2024:3280
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening inreisverbod en toewijzing beroep
Verzoeker, van Azerbeidzjaanse nationaliteit, kreeg op 9 december 2021 een inreisverbod van tien jaar opgelegd door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid. Hiertegen stelde verzoeker beroep in en verzocht tevens om een voorlopige voorziening. Op 8 februari 2024 vond de zitting plaats waarbij partijen zich lieten vertegenwoordigen door hun gemachtigden.
De rechtbank heeft het beroep gegrond verklaard, waarmee het besluit van de staatssecretaris is vernietigd. De voorzieningenrechter zag echter geen noodzaak voor het treffen van een voorlopige voorziening en wees het verzoek daarom af. Omdat het beroep gegrond was, werd de staatssecretaris veroordeeld in de proceskosten van verzoeker, vastgesteld op € 875,- conform het Besluit proceskosten bestuursrecht.
De uitspraak werd gedaan door voorzieningenrechter A. Nieuwenhuis en griffier P.C.J. Lindeijer en openbaar gemaakt via rechtspraak.nl. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen, het beroep wordt gegrond verklaard en de staatssecretaris wordt veroordeeld in de proceskosten.