ECLI:NL:RBDHA:2024:338
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep tegen intrekking asielvergunning wegens termijnoverschrijding
Eiseres, met de Iraakse nationaliteit, betwist de intrekking van haar asielvergunning die in 2016 is ingetrokken wegens het vestigen van haar hoofdverblijf buiten Nederland. De intrekking werd aangetekend verstuurd, maar retour ontvangen als niet afgehaald. Eiseres stelde haar beroep pas in mei 2023 in, ruim na de beroepstermijn.
De rechtbank oordeelt dat het besluit op juiste wijze is bekendgemaakt aan het laatst bekende adres van eiseres. Het is aan eiseres om een adreswijziging door te geven. Hoewel de omstandigheden van eiseres, waaronder haar uitgehuwelijkte status en het overlijden van haar man, begrijpelijk zijn, acht de rechtbank de termijnoverschrijding niet verschoonbaar. Eiseres had redelijkerwijs contact kunnen onderhouden met de Nederlandse autoriteiten of via familieleden in Nederland haar adreswijziging kunnen doorgeven.
Daarom is het beroep niet-ontvankelijk verklaard en wordt het beroep niet inhoudelijk beoordeeld. Het beleid voor achtergelaten vrouwen kan in een eventuele nieuwe procedure aan de orde komen. Er is geen aanleiding voor proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep tegen de intrekking van de asielvergunning is niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-verschoonbare termijnoverschrijding.