ECLI:NL:RBDHA:2024:3388
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep op verblijfsrecht EU wegens ontbreken duurzame relatie en afhankelijkheid
Eiseres, een Nigeriaanse vrouw, verzocht om toetsing van haar rechtmatig verblijf op grond van het EU-recht bij haar partner (referent) en haar stiefzoon. De staatssecretaris wees de aanvraag af en legde een terugkeerbesluit op. De rechtbank behandelde het beroep en oordeelde dat eiseres niet aannemelijk had gemaakt dat sprake was van een duurzame en exclusieve relatie met de referent, een vereiste voor een beroep op artikel 21 van Pro het VWEU.
Daarnaast was er geen bewijs van een zodanige afhankelijkheidsverhouding tussen eiseres en haar stiefzoon die een verblijfsrecht op grond van artikel 20 van Pro het VWEU zou rechtvaardigen. De rechtbank verwierp het verweer van eiseres dat het niet kunnen inschrijven in de BRP haar bewijsvoering belemmerde. Ook het subsidiaire standpunt van rechtsmisbruik door fraude werd niet behandeld vanwege het voorgaande oordeel.
Het beroep werd ongegrond verklaard, het terugkeerbesluit bleef in stand en het verzoek om een voorlopige voorziening werd niet-ontvankelijk verklaard. Eiseres kreeg geen griffierecht of proceskosten vergoed. De uitspraak werd gedaan door de enkelvoudige kamer van de rechtbank Den Haag op 9 februari 2024.
Uitkomst: Het beroep van eiseres wordt ongegrond verklaard en het terugkeerbesluit blijft in stand.