ECLI:NL:RBDHA:2024:3420
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- B.F.Th. de Roos
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen kennelijk ongegronde afwijzing asielaanvraag
Verzoeker heeft beroep ingesteld tegen het besluit van 19 januari 2024 waarbij zijn asielaanvraag is afgewezen als kennelijk ongegrond. Tevens heeft hij de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen om het bestreden besluit tijdelijk te schorsen.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek om voorlopige voorziening beoordeeld zonder zitting, conform artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht. In de overwegingen is verwezen naar een gelijktijdige uitspraak in zaaknummer NL24.2180, waarin het beroep op het bestreden besluit is behandeld.
Gezien de inhoud van die uitspraak en de beoordeling van het verzoek, is het verzoek om voorlopige voorziening als kennelijk ongegrond afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de afwijzing van de asielaanvraag als kennelijk ongegrond is afgewezen.