Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiser] , eiser V-nummer: [V nummer]
Inleiding
Beoordeling door de rechtbank
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
Eiser is op 7 februari 2024 in vreemdelingenbewaring gesteld vanwege het risico dat hij zich aan het toezicht zou onttrekken. Hij vertrok op 11 november 2023 met onbekende bestemming uit de opvang en gaf geen melding van zijn illegale verblijf na afwijzing asielaanvraag. Daarnaast gaf hij geen gevolg aan het terugkeerbesluit van 8 januari 2024, dat op 15 januari 2024 in de Staatscourant is gepubliceerd.
De rechtbank oordeelt dat deze feiten voldoende zwaarwegende gronden vormen voor de maatregel van bewaring. De lange wachttijd in de asielprocedure rechtvaardigt volgens de rechtbank niet het vertrek uit de opvang en het onttrekken aan toezicht. Ook het argument dat eiser niet op de hoogte was van het terugkeerbesluit wordt verworpen omdat dit op juiste wijze is bekendgemaakt.
Verder is overwogen dat een lichter middel, zoals een meldplicht, niet toereikend is gezien het risico op onttrekking. De staatssecretaris heeft bovendien voortvarend gehandeld door een vertrekgesprek te voeren en een laissez-passer aan te vragen. Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de vreemdelingenbewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.