Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam] , eiser
de Minister van Buitenlandse Zaken, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
€ 1312,50 (dertienhonderdtwaalf euro en vijftig cent);
Rechtbank Den Haag
Eiser heeft een visum kort verblijf aangevraagd om zijn verloofde in Nederland te bezoeken. Het eerste besluit van verweerder wees het bezwaar van eiser af, waarna eiser beroep instelde. Verweerder trok het eerste besluit in en nam een nieuw besluit waarin het bezwaar gegrond werd verklaard en het visum werd toegekend.
De rechtbank oordeelt dat het beroep tegen het ingetrokken eerste besluit niet-ontvankelijk is en dat het beroep tegen het tweede besluit ongegrond is omdat het bezwaar gegrond is verklaard. De rechtbank stelt vast dat verweerder niet tijdig heeft beslist, waardoor een volledige dwangsom van €1442 verschuldigd is.
Daarnaast veroordeelt de rechtbank verweerder tot een hogere proceskostenvergoeding van €1312,50 vanwege het voeren van twee beroepsprocedures en draagt verweerder op het griffierecht van €184 aan eiser te vergoeden. Er is geen hoger beroep mogelijk tegen deze uitspraak.
Uitkomst: Verweerder is veroordeeld tot betaling van een dwangsom van €1442, een proceskostenvergoeding van €1312,50 en vergoeding van het griffierecht van €184 aan eiser.