ECLI:NL:RBDHA:2024:3684
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling voortduren maatregel bewaring vreemdeling en verzoek schadevergoeding
De rechtbank Den Haag heeft op 19 maart 2024 het beroep van eiser tegen het voortduren van de maatregel van bewaring beoordeeld. De maatregel was opgelegd op 14 januari 2024 en eerder getoetst op 30 januari 2024. De rechtbank richt zich nu op de rechtmatigheid van de bewaring sinds het sluiten van het onderzoek op 23 januari 2024.
Eiser voerde aan dat de staatssecretaris onvoldoende voortvarend handelde bij zijn uitzetting naar Marokko, onder meer door het te laat toezenden van een kopie laissez-passer en het nalaten van contact met organisaties zoals het IOM. De rechtbank oordeelt dat de staatssecretaris voldoende voortvarend heeft gehandeld, onderbouwd met voortgangsrapportages en communicatie met de Marokkaanse autoriteiten.
Daarnaast is geoordeeld dat eiser zelf actief moet meewerken aan zijn uitzetting, bijvoorbeeld door via familie toegang te verkrijgen tot een kopie van zijn paspoort. De rechtbank ziet geen aanleiding om de rechtmatigheid van de maatregel te betwisten en verklaart het beroep ongegrond. Het verzoek om schadevergoeding wordt eveneens afgewezen en er is geen aanleiding tot proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.