Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam], verzoeker
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Verzoeker heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van 26 januari 2022. Nadat de staatssecretaris op 23 juni 2023 de asielaanvraag alsnog heeft ingewilligd, heeft verzoeker het beroep ingetrokken en verzocht om vergoeding van de proceskosten.
De rechtbank overweegt dat op grond van artikel 8:75a van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) de proceskosten kunnen worden toegewezen indien het bestuursorgaan geheel aan het beroep tegemoet is gekomen. Omdat de staatssecretaris niet binnen de gestelde termijn heeft beslist en de aanvraag uiteindelijk heeft ingewilligd, wordt het verzoek tot vergoeding van proceskosten als kennelijk gegrond toegewezen.
De proceskosten worden vastgesteld op € 437,50, gebaseerd op een puntensysteem uit het Besluit proceskosten bestuursrecht (Bpb), waarbij een wegingsfactor van 0,5 wordt toegepast vanwege de beperkte aard van het beroep. De rechtbank veroordeelt de staatssecretaris tot betaling van dit bedrag.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt de staatssecretaris tot betaling van € 437,50 aan proceskosten wegens niet tijdig beslissen op de asielaanvraag.