ECLI:NL:RBDHA:2024:3965
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vergoeding proceskosten na niet-tijdig beslissen op asielaanvraag
Verzoeker heeft beroep ingesteld tegen het niet-tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van 12 maart 2022. Tijdens de procedure heeft de staatssecretaris het besluit genomen om de asielaanvraag alsnog te honoreren, waarna verzoeker het beroep heeft ingetrokken en proceskostenvergoeding heeft gevorderd.
De rechtbank overweegt dat op grond van artikel 8:75a Awb, indien het bestuursorgaan geheel tegemoetkomt aan het beroep, de verzoeker recht heeft op vergoeding van proceskosten. De rechtbank stelt de proceskosten vast op € 437,50, gebaseerd op een puntensysteem uit het Besluit proceskosten bestuursrecht, waarbij een lichte wegingsfactor wordt toegepast omdat het beroep alleen betrekking had op het niet tijdig beslissen.
De rechtbank veroordeelt de staatssecretaris tot betaling van deze proceskosten aan verzoeker. De uitspraak is zonder zitting gedaan en openbaar gemaakt op 22 maart 2024.
Uitkomst: De staatssecretaris wordt veroordeeld tot betaling van € 437,50 aan proceskosten wegens niet-tijdig beslissen op de asielaanvraag.