Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam eiser] , eiser
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder
Procesverloop
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiser, een Gambiaanse nationaliteit dragende vreemdeling, is op 2 maart 2024 in bewaring gesteld vanwege een concreet aanknopingspunt voor overdracht aan Duitsland op grond van de Dublinverordening en een significant risico op onttrekking aan toezicht. Eiser betwist de gronden voor bewaring niet, maar stelt dat deze niet zwaarwegend genoeg zijn en dat verweerder onvoldoende voortvarend werkt aan zijn uitzetting.
De rechtbank oordeelt dat de zware en lichte gronden voor bewaring feitelijk juist en voldoende gemotiveerd zijn, en dat verweerder voortvarend heeft gehandeld door tijdig een vertrekgesprek te voeren en de overdracht aan te vragen. Eiser voerde aan dat een lichter middel passend zou zijn, omdat hij bereid is zelfstandig te vertrekken, maar de rechtbank stelt dat het significant risico op onttrekking dit niet rechtvaardigt.
Verder is vastgesteld dat eiser geen vaste woon- of verblijfplaats in Nederland heeft en niet over voldoende middelen beschikt om zelfstandig naar Duitsland te reizen. De rechtbank concludeert dat de maatregel van bewaring terecht is opgelegd, het beroep ongegrond is en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van bewaring is ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding is afgewezen.