ECLI:NL:RBDHA:2024:4180
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke handhaving gebruik perceel als tuin in strijd met agrarische bestemming
Eisers voerden beroep aan tegen een last onder dwangsom opgelegd door het college van burgemeester en wethouders van Hillegom, gericht op het beëindigen van het gebruik van een perceel als tuin, wat volgens verweerder in strijd is met de agrarische bestemming van het bestemmingsplan Landelijk Gebied 1997.
De rechtbank oordeelt dat het gebruik als tuin inderdaad strijdig is met de agrarische bestemming en dat de last onder dwangsom terecht is opgelegd. Eisers betoogden dat het gebruik al met een bouwvergunning uit 2002 was toegestaan, maar de rechtbank stelt vast dat deze vergunning slechts betrekking had op het voorkantgedeelte van het perceel en niet op het achterste gedeelte waar de overtreding plaatsvindt.
Verder is geen sprake van bijzondere omstandigheden die handhaving zouden kunnen verhinderen, zoals het lange tijd niet handhaven of het verkrijgen van een subsidie door een buurman. Legaliseringsmogelijkheden zijn alleen aanwezig indien eisers bereid zijn tot het sluiten van een bollengrondcompensatie-overeenkomst, hetgeen zij niet zijn. De dwangsom en begunstigingstermijn zijn redelijk vastgesteld.
De rechtbank constateert een overschrijding van de redelijke termijn van zes maanden en veroordeelt de Staat tot een immateriële schadevergoeding van €500,- en proceskostenvergoeding van €437,50. Het beroep wordt ongegrond verklaard en het bestreden besluit blijft in stand.
Uitkomst: Het beroep tegen de last onder dwangsom wordt ongegrond verklaard en de Staat wordt veroordeeld tot een schadevergoeding van € 500,- wegens overschrijding van de redelijke termijn.