ECLI:NL:RBDHA:2024:4207
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Gegrondverklaring beroep wegens niet tijdig besluit nareis en oplegging nadere beslistermijn
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op haar aanvraag om verlening van een machtiging tot voorlopig verblijf in het kader van nareis. Verweerder heeft niet tijdig besloten binnen de wettelijke termijn van 90 dagen, die met drie maanden was verlengd, waardoor de termijn op 20 mei 2023 verstreek zonder besluit.
Na een rechtsgeldige ingebrekestelling op 26 juni 2023 en het tijdig indienen van het beroep op 23 juli 2023, oordeelt de rechtbank dat het beroep kennelijk gegrond is. De rechtbank bepaalt dat verweerder binnen twintig weken na verzending van het vonnis alsnog een besluit moet nemen, omdat dit een bijzonder geval betreft waarbij een langere termijn gerechtvaardigd is.
Daarnaast legt de rechtbank een dwangsom van €100 per dag op bij overschrijding van deze termijn, met een maximum van €7.500. Verweerder wordt veroordeeld tot betaling van reeds verbeurde bestuurlijke dwangsommen van €1.442, proceskosten van €437,50 en vergoeding van het griffierecht van €187. De uitspraak is gedaan door rechter A.C.J. van Dooijeweert en openbaar gemaakt op 26 maart 2024.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en verweerder wordt opgedragen binnen twintig weken alsnog een besluit te nemen onder oplegging van een dwangsom.