Eiser, van Algerijnse nationaliteit, diende op 5 oktober 2023 een asielaanvraag in. Hij stelde dat hij vanwege betrokkenheid bij een stichting ter bescherming van kunstenaarsrechten en een werkverbod in de culturele sector door Algerijnse autoriteiten politiek werd vervolgd. Ook vreesde hij arrestatie bij terugkeer vanwege een bevel tot monitoring uit 2018.
De staatssecretaris wees de aanvraag af omdat het asielrelaas onvoldoende zwaarwegend werd geacht. De rechtbank bevestigt dit oordeel. Eiser heeft niet aannemelijk gemaakt dat hij nog steeds in negatieve belangstelling staat van de Algerijnse autoriteiten, mede omdat hij in 2017 legaal Algerije verliet en sindsdien niet politiek actief is geweest.
De rechtbank oordeelt dat het werkverbod en het bevel tot monitoring niet leiden tot een gegronde vrees voor vervolging of ernstige schade. De enkele stelling van een bevriende advocaat en verwijzing naar Amnesty International zijn onvoldoende om deze vrees aannemelijk te maken. Het beroep wordt ongegrond verklaard en het bestreden besluit blijft in stand.