ECLI:NL:RBDHA:2024:4215
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling voortduren maatregel van vreemdelingenbewaring en geschiktheid CTP Veldzicht
De rechtbank Den Haag heeft het beroep van eiser tegen het voortduren van de maatregel van vreemdelingenbewaring beoordeeld. De maatregel was opgelegd op 9 februari 2024 en eerder getoetst bij uitspraak van 26 februari 2024. De rechtbank richt zich nu op de rechtmatigheid van het voortduren van de maatregel sinds het sluiten van het onderzoek op 20 februari 2024.
Eiser stelde dat de wettelijke beslistermijn bijna was verstreken en dat de voortzetting van de bewaring daarom onrechtmatig was. De rechtbank oordeelde dat de beslistermijn nog niet was verstreken en dat de staatssecretaris tijdig op de asielaanvraag zou beslissen. Daarnaast voerde eiser aan dat hij detentieongeschikt was en dat de staatssecretaris een lichter middel had moeten toepassen, met name vanwege psychische klachten en de overplaatsing naar het Centrum voor Transculturele Psychiatrie (CTP) Veldzicht. De rechtbank verwierp dit verweer, verwijzend naar eerdere overwegingen en medische adviezen.
Verder betoogde eiser dat het CTP Veldzicht ongeschikt zou zijn voor de tenuitvoerlegging van vreemdelingenbewaring en dat daarmee werd gehandeld in strijd met relevante regelgeving. De rechtbank bevestigde dat het CTP Veldzicht als speciale inrichting kan worden aangemerkt en dat de staatssecretaris niet in strijd heeft gehandeld met het Vreemdelingenbesluit 2000. De rechtbank vond geen aanleiding om de maatregel onrechtmatig te achten en wees het verzoek om schadevergoeding af.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van vreemdelingenbewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.