ECLI:NL:RBDHA:2024:4405
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- H. Hanssen - Telman
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielzaak wegens verantwoordelijkheid Duitsland
Verzoeker heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, welke door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid niet in behandeling is genomen omdat Duitsland verantwoordelijk is voor de behandeling van de aanvraag. Verzoeker stelde beroep in tegen dit besluit en verzocht tevens om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter behandelde het verzoek samen met een gerelateerde zaak op 26 maart 2024 te Groningen, waarbij zowel verzoeker, zijn gemachtigde, een tolk als de gemachtigde van de staatssecretaris aanwezig waren. De voorzieningenrechter overwoog dat aangezien de rechtbank reeds op dezelfde dag uitspraak had gedaan in de hoofdzaak, de voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk was.
Daarom werd het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen. Tevens werd geoordeeld dat er geen aanleiding was voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak werd gedaan door mr. H. Hanssen - Telman en is niet vatbaar voor hoger beroep of verzet.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de hoofdzaak reeds is behandeld.