ECLI:NL:RBDHA:2024:4407
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen woningsluiting op grond van Opiumwet
De burgemeester van Gouda heeft op 27 februari 2024 besloten een woning te sluiten op grond van artikel 13b van de Opiumwet voor de duur van zes maanden. Verzoeker, die door deze sluiting naar eigen zeggen dakloos is geraakt, heeft bezwaar gemaakt tegen dit besluit en de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen om de woning te heropenen.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek om een ordemaatregel beoordeeld zonder zitting vanwege onverwijlde spoed. Verweerder heeft aangegeven niet bereid te zijn de woning te openen voordat de rechter uitspraak doet. De voorzieningenrechter concludeert dat de door verzoeker aangevoerde omstandigheden, waaronder het ontbreken van een vaste verblijfplaats en financiële problemen, onvoldoende zijn om een noodsituatie aan te nemen die onmiddellijke heropening rechtvaardigt.
Daarom wordt het verzoek om een voorlopige voorziening afgewezen. De rechtbank zal partijen nader informeren over de verdere behandeling van het bezwaar tegen het besluit. Tegen deze beslissing staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening tot heropening van de woning wordt afgewezen.