Uitspraak
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen
[naam verzoeker] , verzoeker
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid
Inleiding
Beoordeling door de voorzieningenrechter
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
De voorzieningenrechter van de Rechtbank Den Haag heeft op 25 maart 2024 uitspraak gedaan in een bestuursrechtelijke zaak betreffende de tijdelijke beschermingsstatus van een Oekraïense verzoeker. Het bestreden besluit van 21 februari 2024 beëindigde de tijdelijke bescherming per 4 maart 2024. Verzoeker stelde beroep in en verzocht om een voorlopige voorziening om zijn tijdelijke bescherming en voorzieningen te behouden gedurende de beroepsprocedure.
De voorzieningenrechter oordeelde dat onverwijlde spoed aanwezig was omdat de tijdelijke bescherming zou eindigen voordat het beroep kon worden behandeld. Gezien het aantal en de aard van de beroepsgronden, woog het belang van verzoeker om de voorzieningen te behouden zwaarder dan het belang van de staatssecretaris om deze per 4 maart 2024 te beëindigen.
Daarom werd het verzoek tot voorlopige voorziening toegewezen door het bestreden besluit te schorsen totdat op het beroep is beslist. Tevens werd de staatssecretaris veroordeeld tot betaling van proceskosten aan verzoeker ter hoogte van € 875, conform het Besluit proceskosten bestuursrecht. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt geschorst en de staatssecretaris wordt veroordeeld tot betaling van € 875 proceskosten.