Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam] , eiser,
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiser, een Gambiaanse man, diende op 24 augustus 2021 een asielaanvraag in met als grond dat hij vreesde voor vervolging vanwege een conflict met zijn stiefvader en diefstal van een computer en geld. Hij stelde dat hij uit zelfverdediging zijn stiefvader had geduwd, waarna de kinderen van zijn stiefvader boos werden en hij het huis ontvluchtte. Vervolgens pleegde hij diefstal en vluchtte uit Gambia.
De staatssecretaris wees de aanvraag af omdat de vrees voor de kinderen van de stiefvader en de problemen door de diefstal niet geloofwaardig werden geacht. De rechtbank bevestigde dit oordeel na beoordeling van de feiten en verklaringen. De rechtbank vond dat eiser onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat hij daadwerkelijk gevaar liep van de kinderen van zijn stiefvader, mede omdat deze al overleden was en er geen bewijs was van dreiging.
Ook de stelling dat hij vervolgd zou worden vanwege de diefstal werd niet geloofd, mede vanwege tegenstrijdigheden in zijn verklaringen en het ontbreken van overtuigend bewijs. De rechtbank oordeelde dat de vreemdeling niet in aanmerking kwam voor een verblijfsvergunning regulier en dat het terugkeerbesluit terecht was genomen. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag is ongegrond verklaard en het terugkeerbesluit bevestigd.