ECLI:NL:RBDHA:2024:4734
Rechtbank Den Haag
- Vereenvoudigde behandeling
- S. Ketelaars - Mast
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening in zaak asielaanvraag Nigeriaanse verzoekers
Verzoekers, een Nigeriaans gezin bestaande uit een meerderjarige en een minderjarig kind, hebben een aanvraag tot het verkrijgen van een verblijfsvergunning asiel ingediend. Deze aanvraag werd door de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid op 26 februari 2024 niet-ontvankelijk verklaard. Verzoekers stelden hiertegen beroep in en verzochten tevens om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter behandelde het verzoek om voorlopige voorziening samen met het beroep op 28 maart 2024. Verzoekers en hun gemachtigde waren niet aanwezig bij de zitting, terwijl de gemachtigde van de verweerder wel aanwezig was. De voorzieningenrechter overwoog dat nu de rechtbank op dezelfde datum uitspraak had gedaan in het beroep, een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk was.
Op grond hiervan wees de voorzieningenrechter het verzoek om voorlopige voorziening af en zag geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak werd gedaan door mr. S. Ketelaars - Mast en is niet vatbaar voor hoger beroep of verzet.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat het beroep reeds is behandeld en uitspraak is gedaan.