ECLI:NL:RBDHA:2024:4773
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond verklaring beroep tegen naheffingsaanslag parkeerbelasting gemeente Leiden
Belanghebbende parkeerde op 8 september 2022 om 19:04 uur zijn auto aan een straat in Leiden zonder geldige parkeervergunning en zonder betaling van parkeerbelasting. De gemeente Leiden legde daarop een naheffingsaanslag parkeerbelasting op van € 66,70, bestaande uit € 0,10 parkeerbelasting en € 66,60 aan naheffingskosten. Belanghebbende maakte bezwaar tegen deze naheffingsaanslag.
Tijdens het bezwaar werd een ambtshalve vermindering van de kosten toegepast tot het toegestane maximum van € 66,50 conform het Besluit gemeentelijke parkeerbelastingen. Belanghebbende stelde dat de Verordening parkeerbelasting 2022 van de gemeente Leiden onverbindend zou zijn omdat daarin ten onrechte een bedrag van € 66,60 aan kosten werd genoemd, hoger dan het wettelijk toegestane maximum.
De rechtbank oordeelde dat deze onjuistheid in de verordening niet leidt tot vernietiging van de naheffingsaanslag, omdat uiteindelijk niet meer kosten in rekening zijn gebracht dan wettelijk is toegestaan. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de naheffingsaanslag parkeerbelasting wordt ongegrond verklaard.