ECLI:NL:RBDHA:2024:4935
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- H. Hanssen - Telman
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielprocedure wegens Dublinverantwoordelijkheid Zwitserland
Verzoeker heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, welke door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid niet in behandeling is genomen. De reden hiervoor was dat Zwitserland verantwoordelijk is voor de behandeling van het asielverzoek, conform de Dublinverordening.
Verzoeker heeft tegen dit besluit beroep ingesteld en tevens een voorlopige voorziening gevraagd. De voorzieningenrechter heeft het verzoek samen met een gerelateerde zaak op 5 maart 2024 behandeld, waarbij verzoeker niet is verschenen maar de staatssecretaris wel vertegenwoordigd was.
Op 8 april 2024 heeft de voorzieningenrechter geoordeeld dat een voorlopige voorziening niet langer nodig is omdat de hoofdzaak inmiddels is behandeld in zaak NL24.3815. Om die reden is het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen. Tevens is geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep of verzet mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de hoofdzaak reeds is behandeld.