ECLI:NL:RBDHA:2024:5417
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening na afwijzing asielaanvraag
De zaak betreft een verzoek om voorlopige voorziening bij beroep tegen de afwijzing van een asielaanvraag door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid. Het bestreden besluit dateert van 7 juni 2023, waarin de asielaanvraag van verzoeker ongegrond werd verklaard. Verzoeker stelde beroep in en vroeg om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter besloot het onderzoek ter zitting achterwege te laten en sloot het onderzoek. Op 8 december 2023 deed de rechtbank uitspraak in de bodemzaak, waardoor de voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk was. Daarom wees de voorzieningenrechter het verzoek af.
Daarnaast veroordeelde de voorzieningenrechter de staatssecretaris in de proceskosten van verzoeker, vastgesteld op €875, conform het Besluit proceskosten bestuursrecht voor beroepsmatige rechtsbijstand. De uitspraak is gedaan door mr. M.L. Weerkamp en openbaar gemaakt op 16 april 2024. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen en de staatssecretaris wordt veroordeeld in de proceskosten van €875.