Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[Naam], eiser
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiser, met de Tunesische nationaliteit, diende op 28 november 2023 een asielaanvraag in Nederland in. Verweerder nam deze aanvraag niet in behandeling omdat Luxemburg verantwoordelijk is volgens de Dublinverordening, aangezien eiser daar op 10 januari 2022 een verzoek om internationale bescherming had ingediend.
Eiser betoogde dat overdracht aan Luxemburg niet in het belang is van zijn minderjarige dochter vanwege ontoereikende opvangfaciliteiten en vreest dat hij in Luxemburg in bewaring wordt gesteld. De rechtbank overwoog dat verweerder mocht uitgaan van het interstatelijk vertrouwensbeginsel en dat eiser onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat Luxemburg zijn verdragsverplichtingen schendt, zoals artikel 3 EVRM Pro en artikel 4 EU Pro-Handvest.
De rechtbank nam mee dat eiser ruim anderhalf jaar opvang in Luxemburg had genoten en dat het verlaten van de opvang na afwijzing van de asielaanvraag niet betekent dat Luxemburg zijn verplichtingen niet nakomt. De terugname door Luxemburg werd geaccepteerd, wat duidt op een gereguleerde overdracht. Het beroep werd ongegrond verklaard en eiser kreeg geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard.