ECLI:NL:RBDHA:2024:569

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
22 januari 2024
Publicatiedatum
22 januari 2024
Zaaknummer
NL23.36073
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Vereenvoudigde behandeling
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:2 AwbArt. 6:12 AwbArt. 8:54 Awb
Verwijzingen
4 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beroep niet-ontvankelijk wegens tijdige besluitvorming op asielaanvraag

Eiser diende op 30 september 2021 een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. Na het uitblijven van een tijdige beslissing stelde eiser de staatssecretaris op 25 oktober 2022 in gebreke. Vervolgens werd op 7 november 2023 alsnog een besluit genomen, waarbij de aanvraag werd afgewezen als ongegrond.

Eiser stelde op 15 november 2023 beroep in tegen het vermeende niet tijdig nemen van een besluit. De rechtbank oordeelt dat op het moment van het indienen van het beroep de staatssecretaris niet meer in gebreke was, aangezien het besluit al was genomen. Op grond van artikel 6:12 Awb Pro is het beroep daarom niet-ontvankelijk.

De rechtbank doet uitspraak zonder zitting op basis van artikel 8:54 Awb Pro en ziet geen aanleiding tot proceskostenveroordeling. Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard.

Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig nemen van een besluit wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat de staatssecretaris tijdig heeft beslist.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Groningen
Bestuursrecht
zaaknummer: NL23.36073

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[naam] , eiser,

geboren op [geboortedatum] ,
V-nummer: [nummer] ,
(gemachtigde: mr. T. der Bedrosian),
en

de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, de staatssecretaris.

Procesverloop

Eiser heeft op 30 september 2021 een aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd ingediend.
Bij brief van 25 oktober 2022 heeft eiser de staatssecretaris in gebreke gesteld wegens het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag. Eiser heeft op 15 november 2023 beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit.
Bij besluit van 7 november 2023 heeft de staatssecretaris een beslissing op de aanvraag genomen.

Overwegingen

1. De rechtbank doet op grond van artikel 8:54 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) uitspraak zonder zitting.
2. In artikel 6:2, aanhef en onder b, van de Awb is bepaald dat, voor de toepassing van wettelijke voorschriften over bezwaar en beroep, het niet tijdig nemen van een besluit met een besluit wordt gelijkgesteld.
3. In artikel 6:12, tweede lid, van de Awb, voor zover hier van belang, is bepaald dat een beroepschrift gericht tegen het niet tijdig nemen van een besluit kan worden ingediend zodra het bestuursorgaan in gebreke is om op tijd een besluit te nemen en twee weken zijn verstreken nadat een schriftelijke ingebrekestelling door het bestuursorgaan is ontvangen.
4. De staatssecretaris heeft bij besluit van 7 november 2023 de aanvraag afgewezen als ongegrond. Eiser heeft het beroep ingediend op 15 november 2023. De rechtbank stelt vast dat de staatssecretaris op het moment van het indienen van het beroep niet in gebreke was om op tijd een besluit te nemen.
5. Het beroep is, gelet op het voorgaande, kennelijk niet-ontvankelijk.
6. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. C.H. de Groot, rechter, in aanwezigheid van F.Q. Peters, griffier en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl.
Deze uitspraak is bekendgemaakt op:

Bent u het niet eens met deze uitspraak?

Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum hierboven. Als u graag een zitting wilt waarin u uw verzetschrift kunt toelichten, kunt u dit in uw verzetschrift vermelden.