ECLI:NL:RBDHA:2024:574
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- B.F.Th. de Roos
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen overdracht asielzoeker aan Oostenrijk op grond van Dublinverordening
De asielzoeker heeft in Nederland een asielaanvraag gedaan, maar de staatssecretaris heeft deze niet in behandeling genomen omdat Oostenrijk verantwoordelijk is volgens de Dublinverordening. De asielzoeker betwistte dat hij in Oostenrijk asiel heeft aangevraagd, maar de rechtbank achtte de Eurodac-gegevens en eigen verklaringen voldoende bewijs.
De asielzoeker voerde aan dat Oostenrijk zich schuldig maakt aan pushbacks en dat zijn medische situatie overdracht onmogelijk maakt, verwijzend naar het arrest C.K. van het Hof van Justitie. De rechtbank vond geen bewijs voor pushbacks en geen medische situatie die een onomkeerbare achteruitgang bij overdracht zou veroorzaken.
Ook het beroep op bijzondere individuele omstandigheden, zoals een religieus huwelijk en wederzijdse afhankelijkheid in Nederland, werd niet aannemelijk gemaakt. De rechtbank concludeerde dat de staatssecretaris terecht uitging van het interstatelijk vertrouwensbeginsel en verklaarde het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het beroep tegen de overdracht aan Oostenrijk is ongegrond verklaard.