ECLI:NL:RBDHA:2024:576
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens ongeloofwaardige stalking in Zuid-Korea
Eiser, een Zuid-Koreaanse nationaliteit, verzocht om een verblijfsvergunning asiel wegens stalking door een anonieme groep in Zuid-Korea en het ontbreken van bescherming door de autoriteiten. De staatssecretaris wees de aanvraag af en de rechtbank vernietigde dit besluit in april 2022 wegens onvoldoende beoordeling van de geloofwaardigheid.
In de nieuwe procedure heeft de staatssecretaris opnieuw de aanvraag afgewezen omdat de stalking niet geloofwaardig werd geacht en het ontbreken van bescherming pas relevant is indien de stalking aannemelijk is. De rechtbank oordeelt dat de staatssecretaris terecht de bandopnames niet heeft beluisterd omdat de transcripties voldoende waren.
De rechtbank stelt vast dat eiser geen namen van stalkers kan noemen en geen motief voor de stalking heeft gegeven, wat de geloofwaardigheid ondermijnt. De gebeurtenissen zijn wel in samenhang beoordeeld, maar onvoldoende aannemelijk bevonden.
Het beroep op voordeel van de twijfel wordt verworpen omdat niet aan de voorwaarden van artikel 31 lid 6 Vw Pro 2000 is voldaan. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de afwijzing van de asielaanvraag.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de afwijzing van de asielaanvraag wegens ongeloofwaardige stalking.