ECLI:NL:RBDHA:2024:592
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond verklaard beroep tegen terugkeerbesluit en inreisverbod wegens onvoldoende bewijs verblijfsrecht Italië
Eiser, met de Nigeriaanse nationaliteit, heeft beroep ingesteld tegen een terugkeerbesluit en een inreisverbod van twee jaar opgelegd door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid. Eiser stelde dat de staatssecretaris onvoldoende onderzoek had gedaan naar zijn verblijfsrecht in Italië en dat het inreisverbod zijn recht op familieleven schond vanwege het verblijf van zijn vrouw en dochter in Italië.
De rechtbank oordeelde dat uit de Europese registratiesystemen en het dossier bleek dat eiser geen verblijfsvergunning in Italië had. De Italiaanse autoriteiten hadden in 2019 een claimverzoek geaccepteerd, maar sindsdien was onduidelijk waar zijn vrouw en dochter verbleven, mede doordat zijn vrouw in maart 2023 met onbekende bestemming was vertrokken. De enkele verklaring van eiser over het verblijf van zijn gezin in Italië en het noemen van een Italiaans telefoonnummer waren onvoldoende om het verblijf te bevestigen.
De rechtbank concludeerde dat er geen sprake was van een motiveringsgebrek of onzorgvuldige voorbereiding van het besluit en dat eiser onvoldoende concrete aanknopingspunten had gegeven voor zijn verblijfsrecht in Italië. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen het terugkeerbesluit en inreisverbod wordt ongegrond verklaard vanwege onvoldoende bewijs van verblijfsrecht in Italië.