ECLI:NL:RBDHA:2024:5935
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Rechtbank beveelt staatssecretaris tot tijdige beslissing op nareisaanvraag en legt dwangsom op
Eisers hebben op 19 januari 2023 een aanvraag ingediend voor een machtiging tot voorlopig verblijf in het kader van nareis. De staatssecretaris heeft niet binnen de wettelijk voorgeschreven termijn van 90 dagen beslist, ondanks een ingebrekestelling van 29 november 2023. Eisers stelden vervolgens beroep in tegen het niet tijdig beslissen.
De rechtbank constateert dat de staatssecretaris niet tijdig heeft beslist en dat het beroep ontvankelijk en gegrond is. Omdat de staatssecretaris geen verweerschrift heeft ingediend, is geen sprake van bijzondere omstandigheden die een langere termijn rechtvaardigen.
De rechtbank bepaalt dat de staatssecretaris binnen acht weken na de uitspraak alsnog een besluit moet nemen. Tevens wordt een dwangsom van €100 per dag opgelegd voor elke dag dat de beslissing uitblijft, met een maximum van €7.500. De reeds verbeurde dwangsom wordt vastgesteld op €1.442. Daarnaast wordt de staatssecretaris veroordeeld tot betaling van de proceskosten van €437,50. Eisers krijgen vrijstelling van griffierecht wegens betalingsonmacht.
Uitkomst: De rechtbank beveelt de staatssecretaris binnen acht weken alsnog een besluit te nemen en legt een dwangsom op wegens overschrijding van de beslistermijn.