ECLI:NL:RBDHA:2024:6506
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag op grond van Dublinverordening
Eiseres, van Somalische nationaliteit, diende een asielaanvraag in Nederland in, die niet in behandeling werd genomen omdat Frankrijk op grond van de Dublinverordening verantwoordelijk is voor de behandeling. De rechtbank behandelde het beroep en oordeelde dat de enkele vrees van eiseres om op straat te komen te leven in Frankrijk onvoldoende is om aan te nemen dat het Franse asielsysteem tekortschiet.
Eiseres stelde dat zij bijzonder kwetsbaar is vanwege medische problemen en dat Frankrijk haar uit de opvang had gezet zonder adequate uitzetting naar Somalië. De rechtbank vond echter dat eiseres deze medische problematiek onvoldoende met documenten had onderbouwd en dat er geen aanwijzingen waren dat Frankrijk zijn verdragsverplichtingen niet nakomt.
De rechtbank benadrukte het interstatelijk vertrouwensbeginsel en verwees naar jurisprudentie waarin een hoge drempel wordt gesteld aan het aantonen van structurele tekortkomingen in het asielsysteem van een andere lidstaat. Gezien het ontbreken van bewijs achtte de rechtbank het beroep ongegrond en bevestigde dat de asielaanvraag terecht niet in behandeling werd genomen en dat overdracht aan Frankrijk zal plaatsvinden.
Uitkomst: Het beroep is ongegrond verklaard en de asielaanvraag wordt niet in behandeling genomen; eiseres wordt overgedragen aan Frankrijk.